
De Zuid-Afrikaanse schrijver John Maxwell Coetzee won in in 1999 met `disgrace’ de Booker-Mcconnell prijs, en in 2003 kreeg hij de Nobelprijs voor de literatuur voor zijn gehele ouvre.
Disgrace is nu verfilmd met John Malkovich in de hoofdrol als professor Lurie en een sterk acterende Jessica Haines als diens dochter Lucy. Disgrace vertelt het verhaal van de ondergang van een professor literatuur aan de universiteit van Kaapstad, die in opspraak raakt door een kortstondige affaire met een leerlinge en zich vervolgens terugtrekt op het platteland, waar zijn dochter Lucy zich staande probeert te houden tussen de zwarte bevolking. De relatie tussen vader en dochter is behoorlijk getroubleerd. Lurie is sowieso niet sterk in relaties, hij gebruikt vrouwen meer voor zijn eigen gewin, maar dat was al duidelijk. Als Lucy verkracht wordt door drie zwarte jongens worden de tegenstellingen op scherp gezet. Lurie wil zijn dochter dwingen om aangifte te doen, maar zij begrijpt dat zij in deze omgeving alleen kan overleven door zich aan te passen aan de sociale normen van de mensen onder wie zij woont. Bovendien lijkt zij te worden gekweld door een blank schuldgevoel over de wat `haar mensen’ de zwarte bevolking hebben aangedaan onder de Apartheid. De wereldvreemde romanticus Lurie, die zelf boter op zijn hoofd heeft, krijgt pas tegen het einde van het verhaal een beetje door hoe de verhoudingen in Zuid-Afrika zijn veranderd.
De film is een authentiek en indringend werk, dat recht doet aan het boek en daar overigens nog iets aan toevoegt door de prachtige fotografie van het Zuid-Afrikaanse landschap. Ik ben het niet eens met sommige recensenten die beweren dat de film minder diepgang heeft, of minder groots van opzet is, dan het boek. Een boek en film zijn verschillende media, en waar Coetzee in het boek met taalkundige constructies en zorgvuldige formuleringen de symbolische samenhang oproept tussen het verhaal van Lurie en zijn dochter enerzijds en de geschiedenis van Afrika anderzijds, heeft de film niet meer nodig dan een paar beelden. Bijvoorbeeld het slot, waar de camera langzaam uitzoemt van het in vervallen staat verkerende huis van Lucy (het enig wat zij van het hele landgoed nog bezit) en we het nieuwe, sprankelend witte huis van haar zwarte buurman Petrus zien verschijnen. Het centrum van de macht is (niet zonder geweld) verschoven van de blanke grondbezitters naar de zwarte voormalig slachtoffers. De rollen zijn omgekeerd, maar de wreedheid is niet verdwenen.
En aan het eind schikt ook Lurie zich in dat lot.



Wat me opvalt aan alle aandacht voor de Mexicaanse griep en de massale vaccinatie die in Nederland is begonnen, is de eenzijdigheid van de discussie. Enerzijds circuleren op internet de wildste verhalen met ongefundeerde kritiek en complottheoriën, anderzijds lijken de reguliere media onverdeeld positief over de campagne. Dat is niet terecht. Deze week, in de speciale 
Gisteravond veel ophef in 
