democratie in de kinderschoenen

Angstvallig houden we ons hart vast als we zien hoe pril en knullig de Afghaanse en Irakese `democratieën’ functioneren. Meewarig schudden we ons hoofd als in een of ander Aziatisch land de volksvertegenwoordiging weer eens voor de tv-camera op de vuist gaat. De corruptie van het Italië van Berlusconi, het testosteron-beleid van de Bush-administration, een neurotisch Noord-Korea, een psychopatisch Iran; het is allemaal ver beneden ons suprieure Nederlandse niveau.

Wij zijn zo beschaafd dat we mensen als Geert Wilders, die een kritisch en afwijkend geluid laten horen monddood proberen te maken. Persoonlijk ben ik het oneens met de voorman van de PVV en zijn motie van wantrouwen zal voor Aboutaleb en Albayrak als een persoonlijke belediging voelen (maar daar moeten ze als nieuwbakken bewindslieden dan maar vast aan wennen). De motie getuigt ook van weinig kennis van zaken (Aboutaleb bijvoorbeeld kan volgens de Marokaanse wet zijn Marokaanse nationaliteit helemaal niet kwijt raken, al zou hij dat willen). Deze motie is wederom een sterk staaltje Wilderiaanse stemmingmakerij. Juist daarom getuigt het van een naïeve paniekerigheid om hier zo allergisch op te reageren als de coalitiepartijen enerzijds en mevrouw Verbeet anderzijds deden. Men bereikt hiermee eerder een tegenovergesteld effect. Heeft men dan niets geleerd van de fouten die gemaakt zijn rondom Pim Fortuyn?

Ik vrees dat de Nederlandse democratie nog slechts in de kinderschoenen staat.