Er is ook een tweedeling te zien, maar ook dat is niet nieuw (dat zag je ten tijde van de reformatie ook). Naast deze beweging `van onder op’ zie je ook een toename van evangelisch-georienteerde megakerken met flitsende eigentijdse diensten. Dit zijn feitelijk heel modernistisch opgezette kerken die bijna als een bedrijf functioneren en voornamelijk draaien rondom een aansprekende charismatische voorganger. Dit concept blijft een groeiende groep gelovigen aanspreken. Toch zie ik dit meer als `oude wijn in nieuwe zakken‘. Deze groepen groeien weliswaar sterk, maar vooral door aanwas uit de meer traditionele kerken, nauwelijks door nieuwe bekeerlingen. Het is een opgepoetste vorm van een verdwijnend fenomeen. Opvallend is dat deze kerken, ondanks hun grote aantallen en eigentijdse aanpak, relatief weinig invloed hebben op de samenleving er om heen. Op enkele uitzonderingen na spreken deze kerken over het algemeen de niet-gelovigen nauwelijks aan.
God gebruikt de geïnstitutionaliseerde kerken nog steeds, maar het is wel een vorm die zijn beste tijd heeft gehad. Hij is een Gemeente, een Lichaam, aan het vormen vanuit deze kerken, die, ontdaan van alle onbijbelse franje en wereldse structuur, als een Reine Bruid in smetteloos linnen klaar zal zijn voor zijn komst.
Op dit moment roept God deze nieuwe Gemeente naar de woestijn (de woestijn staat voor een periode van losmaking en reiniging maar ook van droogte en verwarring). Maar in de woestijn zal Hij haar te drinken geven en haar vormen tot iets nieuws:
`Blijf niet staan bij wat eertijds is gebeurd,
laat het verleden nu rusten.
Zie, ik ga iets nieuws verrichten,
nu ontkiemt het – heb je het nog niet gemerkt?
Ik baan een weg door de woestijn,
maak rivieren in de wildernis.
De wilde dieren zullen mij eer bewijzen,
de jakhalzen en de struisvogels,
omdat ik water schep in de woestijn
en rivieren in de wildernis;
het volk dat ik heb uitgekozen, laat ik drinken.
Dit is het volk dat ik mij gevormd heb,
het zal mijn lof verkondigen.’
(Jes. 43:18-21)
Jezus moet weer het Hoofd worden van zijn Lichaam, niet een leider, niet een dogma, niet een synode of wat dan ook. Hij wil ons losmaken van alle menselijke bedenksels en beperkingen, Hij wil ons terugbrengen naar de essentie: afhankelijk van Hem, in diepe relatie met Hem verbonden. Alle ballast moet daarvoor aan de kant.Zoals Jezus het zelf zegt in Math. 8:20:
‘De vossen hebben een hol, en de vogels van de hemel een nest, maar de Mensenzoon kan nergens het hoofd neerleggen.’ (ook te vertalen als: zijn hoofd plaatsen)
(Willibrord vertaling)
Of in het Engels:
`Foxes have dens, and birds have nests. But the Son of Man doesn’t have a place to call his own.’
