sola scriptura? – 2

Wie of wat is onze autoriteit?

Jezus zei over zichzelf dat zijn juk zacht was en zijn last licht. Die opmerking heeft te maken met een verschijnsel dat toen heel normaal was, namelijk dat er verschillende rabbi’s (meesters) waren die elk hun eigen interpretatie van de wet hadden en hun eigen set met regels. De mensen kozen een rabbi om na te volgen, en deden dat op basis van hun overtuiging welke de `beste’ regels hanteerde (het juk). De een was strenger, de ander milder. Van de ene rabbi mocht je op de sabbat niet meer dan honderd meter lopen, van de ander mocht je veel verder lopen maar moest je weer andere dingen laten. Er waren behoorlijke verschillen, maar niettemin leefde het besef dat ze allemaal op hun eigen manier God probeerden te dienen. Allemaal gingen ze uit van dezelfde teksten, en toch kwamen ze allemaal uit op een andere uitleg, een andere interpretatie. En ze hadden er geen enkele moeite mee.

De rabbi’s deden overigens niet maar wat hen goed leek, over het algemeen volgden zij weer in de voetsporen van andere rabbi’s, die hen voor waren gegaan op de weg. Zo af en toe kwam er echter een rabbi, heel uitzonderlijk, die beweerde nieuwe inzichten te hebben en een nieuwe weg (een nieuw juk) te verkondigen. Jezus was zo’n rabbi: `mijn juk is zacht en mijn last is licht’.

Wat deze rabbi’s deden met hun interpretaties en regels was richting geven aan de mensen voor hoe ze God konden dienen. Dit werd `binden en ontbinden’ genoemd; de rabbi bepaalde wat gebonden was (niet mocht) en wat ontbonden was (wel mocht). Dit begrip komen we ook weer in Mattheus tegen, waar Jezus tegen zijn volgelingen zegt dat zij de sleutels krijgen tot het koninkrijk van de hemel, en dat zij voortaan het gezag krijgen om te mogen binden en ontbinden. Dat was natuurlijk heel revolutionair in een tijd waarin de geleerden (rabbi’s en schriftgeleerden) een groot gezag werd toegeschreven.

In Handelingen 15 zien we dit principe voor het eerst duidelijk in praktijk worden gebracht door de eerste gemeente. De jonge christenen worden geconfronteerd met een moeilijk dilemma en moeten een besluit nemen (binden of ontbinden). De vraag was in hoeverre de gelovigen uit de heidenen zich moesten houden aan de joodse wetten. Voorwaar geen lichte zaak. Ze moeten een besluit nemen over wat het betekent om een christen (volgeling van Jezus) te zijn.
Na intensief overleg en gebed komen de mannen uit de bijeenkomst en zeggen iets heel opmerkelijks (KJV/ASV): `for it seemed good to the Holy Spirit and to us…’ Ze hebben net een zwaarwegend besluit genomen dat bepalend is voor de toekomst van de Kerk, en alles wat ze kunnen zeggen is dat ze denken dat ze een goed besluit hebben genomen en dat ze denken dat de Heilige Geest het ermee eens is! Ze claimen niet dat ze een absoluut woord van God hebben, ze claimen ook niet dat ze het letterlijk uit de schriften hebben opgemaakt, ze claimen ten hoogste dat ze het gevoel hebben dat de Heilige Geest hen tot dit besluit heeft geleid. Vastberaden, besluitvaardig, maar ook nederig en bescheiden. Ze hebben hun besluit in gebed en onderlinge overeenstemming genomen, en dat geeft hen vertrouwen dat het een juist besluit is. Tegelijk houden ze ook een slag om de arm: het zou kunnen dat ze iets over het hoofd hebben gezien, dat ze later toch tot een iets ander besluit zouden kunnen komen. (Rob Bell – velvet elvis)

In de Oosters Orthodoxe traditie hebben de geestelijk leiders (priesters) een vergelijkbare rol als de joodse rabbi’s hadden. In tegenstelling tot de Westerse Kerk, waar geestelijk leiders vooral op basis van intellectuele kennis en grondige (individuele) studie besluiten nemen, draait het bij de Orthodoxen vooral om contemplatie en manier van leven. Een theoloog moet zich niet in eerste instantie op de kennis van God richten, maar vooral op de relatie met God. Vanuit die omgang met God komt hij (langzaam) tot inzichten. Bovendien is de gemeenschap met elkaar van groot belang. De priester heeft een bijzondere rol en taak, maar mag zich niet verheffen boven de anderen. Hij staat niet boven de gemeente.

Vanuit de geschiedenis kunnen we zien dat een (pauselijke) hiërarchie niet past binnen de Gemeente van Christus. De autoriteit van de paus is met de reformatie teniet gedaan. De autoriteit van `sola scriptura’ is ook niet zuiver gebleken. De bijbel absoluut gezag toekennen is een valkuil die leidt tot misleiding en manipulatie; in de praktijk betekent dit namelijk altijd dat een eenzijdige en beperkte interpretatie van de bijbel tot gezaghebbend wordt verheven. Ook dat is niet goed.

Binnen de Emerging Church beweging wordt veel gesproken over het gezag van Christus. Hij is het centrum van de Gemeente, het is zijn Gemeente. In feite is Christus dus onze autoriteit. Dat is mooi gezegd, natuurlijk, maar in de praktijk nog niet gemakkelijk. Het gevaar is namelijk groot dat hetzelfde gebeurd met `sola scriptura’: ons (beperkte) beeld van Christus wordt gezaghebbend in plaats van Christus zelf. Het blijft een zoektocht en een continu heroriënteren op wie Hij nu eigenlijk precies was, wat Hij bedoelde met zijn uitspraken en daden en wat dat nu, vandaag de dag, voor ons betekent. Het is goed om ons hiervan bewust te zijn en ons nederig en bescheiden op te stellen. We kunnen niet claimen dat we precies weten wat de wil van God is in een situatie. Alles is interpretatie.
Maar wat we ook kunnen leren van de eerste Gemeente is dat we niet bang moeten zijn om (in gezamenlijkheid) daadkrachtig en stellig te zijn. Zolang we ons maar bewust zijn dat ons zicht beperkt is. `For it seemed good to the Holy Spirit and to us…’

Zo kom ik tot de volgende, voorlopige, conclusie:

Het gezag van de Kerk is gelegen in Christus. De gemeenschap met elkaar is de meest betrouwbare manier waarop we kunnen vaststellen wat zijn wil (waarschijnlijk) is.

De autoriteit is dan, zou je kunnen zeggen: CHRISTUS en de GEMEENTE.

Hiermee is niet alles gezegd, dat weet ik, in een volgende post wil ik nog wel wat meer ingaan op mogelijke bezwaren/correcties. Voor nu: het gesprek kan verder!

lees verder: deel 3

14 Reacties

  1. Ik volg deze serie met veel interesse.

  2. Dat spreekt me allemaal aan, peTer. Er zit ook spanning in die uitspraak van Jezus – zijn juk is zacht, maar zijn kruis is dat niet. Hij heeft ook uitspraken gedaan over het lijden van zijn volgelingen… Maar ik geloof dat je hier op een goed spoor zit. Jezus volgen is geen lijdensweg, maar een weg van blijdschap. Zelfs in het lijden kun je je verheugen, mits dit tot eer van Jezus is. Een vreemde paradox, maar wel een bijbelse.

  3. Interessante materie. Maar ik zie nog niet scherp welke plek je de Bijbel nu precies geeft, en of je in zeker zin nog over de autoriteit van de Bijbel wilt spreken – bijvoorbeeld naast/onder/bij Christus en de gemeente. In deze post beperk je je in elk geval tot Christus en de gemeente. Ik denk echter dat onder het gezag dat je aan de gemeenschap toekent, nog steeds het gezag van de Bijbel schuilgaat (de autoriteit van Christus lijkt me geen punt van discussie). Dat blijkt alleen al uit het feit dat jij en ook anderen teruggrijpen op bijbelteksten in de zoektocht naar waar het gezag van de kerk te vinden is. Dat doet niets af aan het feit dat we bijbelteksten verschillend kunnen interpreteren, maar de Bijbel is en blijf de belangrijkste bron om steeds naar terug te keren – en is daarmee gezaghebbend.

    Handelingen 15:28 is hier wat dat aangaat ook veelzeggend, en het is een beetje misleidend om de verzen die eraan voorafgaan buiten beschouwing te laten. Handelingen 15:28 is een fragment uit een brief van de apostelen en oudsten in Jeruzalem aan de broeders en zusters in Antiochië, Syrië en Cilicië. In die brief wordt uiteengezet welke besluiten er in Jeruzalem zijn genomen. In de voorafgaande verzen lezen we wat meer over de manier waarop ze tot die besluiten gekomen zijn. En daar staan een aantal interessante zaken. In de eerste plaats beroept Petrus zich op enige (apostolische) autoriteit door te stellen dat God hem “al in het begin uit uw midden heeft gekozen om de boodschap van het evangelie onder de heidenen te verspreiden”.

    Op de tweede plaats, Jakobus beroept zich vervolgens uitdrukkelijk op de Schrift als hij zijn mening onderbouwt (15: 15-18), en “daarop” (tegen die tijd) besluiten de apostelen, oudsten en de hele aanwezige gemeente om de brief te sturen waaruit Handelingen 15:28 citeert. Nergens lezen we in deze passage iets over andere gezaghebbende bronnen, of over een directe openbaring van de Heilige Geest. Er wordt zelfs niets gemeld over gebed – laat staan intensief. De Schrift vervult voor Lucas wel een hoofdrol in het uiteindelijke besluit dat in Jeruzalem, blijkbaar zelfs met instemming van de hele gemeente (kom daar nu nog maar eens om), genomen wordt.

    Dus ja, Handelingen 15 is m.i. inderdaad een goed voorbeeld van de jonge gemeente die aan het ontdekken is wat het betekent om gezag te hebben gekregen, en het laat zien dat die gemeente het aandurfde om besluiten te nemen met in het achterhoofd het besef dat die mogelijk niet helemaal Gods wil weerspiegelden. Maar de passage verraadt ook de autoriteit van de Schrift.

  4. [...] lees verder: deel 2 [...]

  5. Natuurlijk is de bijbel een belangrijke bron van openbaring aangaande Christus. Toch is het niet gezaghebbend op zichzelf, in elk geval was het dat niet voor de jongste christenen, want die hadden geen bijbel (in elk geval geen NT). Als je kijkt hoe vrij Jezus zelf en ook de apostelen citeren uit het OT, en daarbij soms geheel voorbij gaan aan de oorspronkelijke betekenis, zie je volgens mij duidelijk dat zij de schriften behoorlijk naar eigen inzicht toepassen (of zo je wilt voor hun karretje spannen).
    Volgens mij gaat het niet om de autoriteit van de geschriften op zichzelf. De geschriften hebben tot doel om God te tonen, Jezus te tonen. Onze autoriteit is uiteindelijk Christus, en niets of niemand anders; ook niet de teksten over Hem dus.

    Het vaststellen van de (canonieke) bijbel is zeker van nut, het geeft namelijk iets aan van hoe betrouwbaar de bijbelboeken werden geacht in het weergeven van wie Jezus was. Voor mij vormen die boeken ook nog steeds de belangrijkste bron, hoewel ze (mogelijk) niet onfeilbaar zijn.

    Het lastige is dat de vraag wie Jezus was en wat zijn boodschap was vooral uit de boeken beantwoord moet worden, maar tegelijk zijn die geschriften alleen goed te begrijpen vanuit het beeld dat we van Hem hebben. Waar dat beeld klopt gaat het goed, waar dat beeld vervormd is gaat het mis. In elk geval is de tekst een dynamisch geheel, niet statisch, en dat betekent dat we ook steeds onze interpretatie moeten bijstellen. Dat is in de loop van de geschiedenis steeds gebeurd, en zal ook nu weer moeten.

    Ten tijde van de Reformatie had met de begrippenset van de 5 sola’s ontwikkeld, in deze tijd ontwikkelt de EC haar eigen begrippenset (hoewel men niet het wiel probeert uit te vinden maar probeert voort te bordueren op wat er al is). Over x jaar zal men opnieuw de begrippen van EC ter discussie willen stellen, dat spreekt voor zich. Het zijn tools om in jouw tijd je leven met God vorm te kunnen geven. Elke tijd heeft zijn eigen tools en die zijn beperkt houdbaar.

    De boeken van de bijbel zijn onvolmaakt mensenwerk, maar wel mensenwerk waardoor op mysterieuze wijze een beeld naar voren komt van God. Dat is een mysterie dat we niet kunnen verklaren, maar het is wel in lijn met hoe Hij werkt: Hij maakt iets goeds dwars door de gebrokenheid van ons menselijke bestaan. Dat is toch prachtig?

  6. Ik vind je voorlaatste zin inderdaad prachtig, en ik kan me ook enorm verwonderen (en blij zijn) over het feit dat God dwars door de gebrokenheid heen werkt.

    Misschien hebben we wat verschillende ideeën over wat ‘gezag/autoriteit’ inhoudt (wat uiteraard uitstekend past in het postmoderne wereldbeeld). Ik kan me de kerk echter niet indenken met een Bijbel die geen ‘gezag heeft’. Ik snap denk ik wel wat jij bedoelt als je Christus en de gemeente neerzet als autoriteit en daarbij de ’scriptura’ weglaat, maar Christus zelf verwijst zijn volgelingen (en uitdrukkelijk ook zijn tegenstanders) voortdurend naar de Schrift. Jezus geeft daarbij zelf de bron die, bij het zoeken naar zijn (Vaders) wil, op ons wacht. Dat zijn interpretatie daarbij soms vrij/nieuw is, doet daar niets aan af. Zo wordt de gemeente voor haar eigen autoriteit steeds naar de Bijbel (die inderdaad een andere samenstelling heeft gekregen dan de Schriften die Jezus kende) verwezen, en kan ik niet anders dan over de Bijbel denken in termen van gezaghebbend. Juist omdat het gezag uiteindelijk bij Christus ligt.

  7. Voor een contextuele beschrijving van het toestaan en verbieden verwijs ik naar het boek: Understanding the difficult words of Jesus – New insights from a Hebraic Perspectieve – van David Bivin en Roy Blizzard, Jr.
    Daar een uitgebreide(re) beschrijving van wat Rob Bell ook bespreekt.
    Het gaat er dus niet om dat het gezag van de bijbel of de boeken (opnieuw) ter discussie staat, maar dat je aanvullende oplossingen vindt voor sociale en ethische zaken, daar waar er nog geen gezaghebbende uitspraak is.
    En even voor de volledigheid, deze joodse wijze van toepassen van de sleutels van het koninkrijk (primaire taak van Petrus), geaccordeerd door Jezus zelf, heeft dus niet met leergezag te maken hè, laat dat duidelijk zijn. Voor ons betekent dit dat wij ons afhankelijk weten van de leiding van de Heilige Geest en de leiding van de kerkelijke gemeente.

  8. Dat eerste stukje van deze post… ik dacht: dat heb ik eerder gelezen. Gelukkig was het een quote. PeTer, je bent in ieder geval in staat om een kleine rel te laten ontstaan. Dat is op zich al een gave. Volgens mij spreekt Jan Wolsheimer heldere taal. Zie de Sola’s ook vooral als een tegenreactie op… Ik denk dat we vandaag de dag leven in een tijd die rijp is voor een nieuwe Reformatie. Het is dus niet zo erg om de Sola’s aan de kaak te stellen in het licht van de afgelopen eeuwen.

    Ik denk dat het Woord nog steeds als gezaghebbende bron kan worden gezien. Maar dat wat Rob Bell zegt heeft me aan het denken gezet. In hoeverre hebben we vandaag ook nog vrijheid om specifieke dingen ‘toe te voegen’? Als ik Handelingen lees kan ik me niet aan de indruk onttrekken dat dit boek vooral geschreven is als inspiratie voor de kerk van alle tijden om elke dag (in gemeenschap) biddend met God te leven. Dan hoeft niet elke beslissing precies in de Bijbel te staan.

    Maar ik denk dat het niet gezond is wanneer we net als Jezus de macht nemen om te herinterpreteren. Jezus deed dit ook als een tegenreactie op een traditionele, vastzittende post-ballinschap Joodse religie waarbij de leiders regels aan mensen oplegden die ze zelf niet eens konden houden. Eén van Zijn speerpunten is volgens mij het terugkeren naar het hart: de liefde. Paulus zet dat voort: we zijn elkaar niets verplicht dan liefde.

    Goed, het wordt een lang verhaal, maar volgens mij heb ik geprobeerd iets bij te dragen aan deze rel. Ik hoop dat we samen met alle heiligen steeds meer in staat zijn om de hoogte, breedte en diepte (inhoud) van Gods liefde te kennen. Laten we ons daar maar op focussen en verder elke dag en elke beslissing om wijsheid vragen.

    Ai, praat ik toch als een soort dominee.

  9. Ha Niels,

    bedankt voor je reactie.
    ik denk zeker dat er een aantal zaken zijn die nu, vandaag de dag op ons afkomen, waar herinterpretatie nodig is, of het toevoegen van een `regel’ die er nog niet is. ik heb wel een aantal onderwerpen in mijn hoofd zitten, en laten we die maar eens aangaan.
    binnenkort kom ik met een aantal concrete voorbeelden om te behandelen, want dan wordt het pas echt interessant. ben heel benieuwd, want dan zal de discussie misschien nog wel wat scherper worden…

  10. Hoi Relirel,
    Je gaat niet op mijn argument in. Ben benieuwd naar deel drie. Kijk, je kunt best zeggen dat vrouwen nu geen hoofddoek meer hoeven te dragen, als je daar heen wilt :-) Doei, for now.

  11. @John,

    beide aspecten (het gezag van de schriften en/of de interpretatie enerzijds en het opstellen van aanvullende regels waar nog geen gezaghebbende uitspraak is) zullen aan bod gaan komen. maar daar heb ik iets meer voor nodig dan twee blogjes of een paar comments… geduld, dus, a.u.b.

  12. “De boeken van de bijbel zijn onvolmaakt mensenwerk, maar wel mensenwerk”
    Daar ligt de bron van een verschil van mening. Jij ziet de Bijbel als mensen werk en ik zie de Bijbel als het volmaakte, onfeilbare Woord van God.

  13. @Wiebe,

    `…waardoor op mysterieuze wijze een beeld naar voren komt van God’.
    dat moet je er dan ook bij citeren, hè.

    Ik zie de bijbel tegelijk als mensenwerk, maar ook als het Woord van God.

    Ik vergelijk het wel eens met die 3d-platen die een paar jaar geleden een rage waren. aanvankelijk zie je alleen maar heel veel kleurtjes en vreemde patronen, maar als je er even doorheen kijkt komt ineens een prachtig beeld naar voren. Zo kun je ook met de bijbel omgaan: ik vind het verwonderlijk en magnifiek hoe er door al die verhalen, gedichten en lijsten heen een prachtig beeld van God naar voren komt. Wanneer je heel star en dogmatisch met de bijbel omgaat zul je dat beeld nooit ontdekken, daarvoor moet je durven loslaten en op zoek gaan naar God zelf in die tekst.

    Misschien is dat een verschil in benadering, het is zeker niet zo dat ik de bijbel slechts als mensenwerk zie, maar ik zie het OOK als mensenwerk. Dat is een groot verschil.

    groet,

    peTer

  14. @Peter,

    Bedankt, dat is een stuk duidelijker. Ik zie door het dogmatische een prachtig beeld van God.


RSS met reacties TrackBack identificatie URI

Plaats een reactie