Maarten Luther was een revolutionair.
Revolutionairen zijn mensen die het van nature in zich hebben om tegen de gevestigde orde in te gaan en zaken ter discussie te stellen. Meestal preken ze verandering en brengen vaak ook daadwerkelijk vernieuwing, soms met gebruik van fysiek geweld, maar niet altijd. Gewelddadig zijn ze vrijwel altijd, in die zin dat ze in hun vernieuwingsdrang nogal wat waardevolle zaken kapot kunnen maken, simpelweg omdat ze geïdentificeerd worden met het voorgaande regime en daardoor als slecht bestempeld worden. Wat je ook vaak ziet gebeuren is dat revolutionairen, als ze eenmaal de macht hebben overgenomen, net zo autoritair worden als hun voorgangers.
In zekere zin hebben we dit bij Luther en zijn volgelingen ook gezien. De Reformatie heeft veel goeds gebracht: terugkeer naar de bijbel, terugkeer naar genade en geloof, terugkeer naar Christus. Dat alles is een werk van God geweest en het heeft de Kerk (zowel de nieuwe protestantse kerk als de oude rooms katholieke kerk) diepgaand veranderd, ten goede.
Toch zit er ook een keerzijde aan het verhaal. De paus werd de deur uit gewerkt, maar daarmee ook het gezag van de kerkelijke traditie. Men koppelde zich los van een traditie waar toch ook veel goeds in zat. In de loop van de eeuwen heeft die corrosie zich verder gevreten en de Kerk tot op het bot versplinterd. Met name in grote delen van de evangelische beweging woekert de verdeeldheid als een kanker verder tot er niets meer te delen valt en de ontworteling zijn volle ontplooiing bereikt in het walhalla van de individuele geloofsbeleving. Wederom, ook daar weer veel goeds te vinden, maar de connectie met de Kerk van alle eeuwen is volledig zoek geraakt.
Luther ontpopte zich later tot een autoritaire despoot, een beetje gechargeerd (vergeef me), maar in feite werd hij de nieuwe Paus. Luther matigde zichzelf de autoriteit aan om in zijn Duitse bijbelvertaling (weer zo’n zegen, prijs God) toch een flink aantal wijzigingen door te voeren; waarom? Omdat Maarten Luther het beter vond. Zijn volgelingen hebben zich dit voorbeeld aardig aangetrokken en gingen vaak nog veel verder. In de gereformeerd (vrijgemaakte) traditie waar ik in ben opgegroeid hadden we Calvijn, Kuiper en Schilder die een al even groot absoluut gezag werden toegedicht. Hoezo is er veel veranderd sinds de reformatie?
Dit is de achillespees van de Reformatie, de keerzijde van het `sola scriptura’. Het loslaten van de traditie maakt de weg vrij voor eigen interpretatie, gemaskeerd met het vrome sausje van `maar de bijbel is er toch duidelijk over?’.
Daarom stel ik het `sola scriptura’ hier ter discussie. Niet omdat ik denk het allemaal beter te weten en geen traditie nodig te hebben, juist niet. Wel om het rookgordijn van (schijn)heiligheid dat er om dit begrip hangt aan de kaak te stellen. In de vrijgemaakte kerken werd vaak gesproken over `schrift en belijdenis, dat is tenminste eerlijker, mits je dan ook de beperkte houdbaarheid van die belijdenis erkent. Tegelijk is dit een spiegel voor de Emerging Church, waar sommigen al terecht opmerkingen over maakten. In hoeverre trappen wij niet weer in dezelfde valkuilen? Daarom is het goed om, waar we zaken die niet meer functioneren afbreken (naar analogie van de Reformatie zelf) we tegelijk proberen te voorkomen dat we weer doorslaan. Evenwicht en balans is nodig. De traditie kan die balans (of ballast) zijn, die voorkomt dat je uit de bocht vliegt. Maar we moeten ook niet te bang zijn, want dan komen we niet in beweging. Verandering gaat altijd schoksgewijs en meestal niet heel subtiel. Zolang we maar beseffen dat ook wij een beperkt zicht hebben op de waarheid en dat ook onze ideeën een beperkte houdbaarheid zullen hebben, kunnen we vooruit.
De kerk is dood.
Lang leve de Kerk!
Lees verder: eerste voorbeeld
3 Reacties
RSS met reacties TrackBack identificatie URI
Plaats een reactie

Ik ben Nederlands Gereformeerd, in een gemeente waar ik op mijn plaats ben.
Wat betreft het sola scriputura heb ik de indruk dat men dat wel belijdt, maar dat er in feite vaak wel extra autoriteiten naast of zelfs boven plaatst in de hele gereformeerde wereld. Dat er dus in feite wel een traditie gezaghebbend is.
Dus waarschijnlijk ook in de Nederlands Gereformeerde wereld.
Het meest concreet kom ik dat tegen in hoe sommigen aankijken of eigenlijk vooral luisteren naar de Drie Formulieren van Enigheid.
Ik hoor daarin soms dat die Formulieren het gezag zijn waaronder men zich stelt om zo naar de Bijbel te gaan luisteren. Uit angst misschien dat ze anders op een dwaalspoor terecht komen.
Ik heb met zo’n houding altijd moeite gehad. Ik heb als vrijgemaakt meisje op een synodaal gereformeerde lagere school geleerd dat één van de kenmerken van de verworvenheden van de Reformatie is: ieder kan en mag zelf de Bijbel lezen. Punt.
Dat heb ik dan ook veel gedaan. Daarbij kan je veel hebben aan uitleggers, aan mensen die de grondtalen van de Bijbel kennen enzovoort.
Maar ik laat me daardoor niet gezeggen in die zin dat ik me automatisch aan andermans of andervrouws uitleg onderwerp. Ik ga ervan uit dat ik zelf verstand heb gekregen om te midden van alle stemmen te bedenken wat God door de Bijbel heen tegen mij zegt in concrete situaties.
Het mooie van de Bijbel vind ik, nu ik die al meerdere malen in zijn geheel heb gelezen, dat er, met alle verschillen en tegenstellingen die je erin kan vinden, toch één stem doorheen klinkt en er wel degelijk een eenheid is dwars daar doorheen, zeker als je de lijn ziet van begin tot eind. Daarmee heb ik niet een “oplossing” voor alle vragen die de Bijbel op kan roepen. Maar dat vind ik ook niet nodig. Daarvoor is mijn vertrouwen op God in de loop der jaren te diep geworteld.
( ik ben van 1954; opgegroeid in Groningen, in de Zuiderkerk waar de scheuring Vrijgemaakt Nederlands Geref. is begonnen. Daar vanaf het eerste begin, via mijn ouders, eerst “buiten verband” wat later Nederlands Gereformeerd is gaan heten).
Ik denk dat de tijd bijna rijp is voor een revolutie. Nu nog mensen die echt mee willen gaan en niet gegrepen zijn door het syndroom van consumentisme en narcisme. Ik verlang naar een reformatie in onze kerken. En ik hoop moedig genoeg te zijn om er aan bij te dragen…
In het protestantisme is de gereformeerde tak juist door haar traditie tamelijk stabiel gebleken door de jaren heen. Bij veel evangelische gemeenten is het toch (excusez les mots) ‘elke ketter heeft z’n letter’. Er is geen vinger op te leggen en geen touw aan vast te knopen. Als katholiek voel ik veel meer verwantschap met de orthodox-gereformeerde (en zelfs de reformatorische) hoek, al wordt dat andersom lang niet altijd zo ervaren.