Een van de meest invloedrijke en levensveranderende boekjes die ik de laatste jaren heb gelezen is `the prophetic imagination’ van Walter Brueggemann.
Als gereformeerd jongetje ben ik opgegroeid met het idee dat alle bijzondere geestesuitingen zoals die in het Nieuwe Testament voorkomen – zoals tongentaal, genezingen en andere wonderen – vandaag de dag niet meer voor zouden komen. Wij hadden de Schrift, en dat was voldoende (sola scriptura). Hetzelfde gold voor de profetie, waarover je met name in het Oude Testament veel leest. Toentertijd communiceerde God niet rechtstreeks met zijn volk, maar via een intermediair, zoals een koning of een profeet. Dat alles was vervuld in Jezus en nu kon iedere gelovige de stem van God verstaan, en dat dan wederom exclusief via zijn geschreven Woord.
Dat er ook andere interpretaties mogelijk waren, daar kwam ik achter toen ik een aantal jaar in de evangelisch/charismatische wereld rondliep: tongentaal was er niet van de lucht, en van profetie werd hoog opgegeven. Voor mij was het verfrissend en spannend en ik heb zelf ervaren dat het ook echt een realiteit is. En toch had ik het gevoel: er klopt iets niet, het is te eenzijdig, het lijkt iets heel anders te zijn dan wat de bijbel beschrijft.
Brueggemann brengt in `the prophetic imagination‘ (geschreven in 1978 maar nog steeds actueel en in 2001 opnieuw uitgebracht) de oudtestamentische profeten, zoals Jeremia, opnieuw tot leven en laat zien hoe actueel hun counter-culturele benadering eigenlijk is. De profeten hadden een belangrijke functie, niet zozeer om de toekomst te voorspellen, maar vooral om de betovering van de heersende cultuur te doorbreken en een vergezicht te bieden op een betere toekomst, een andere werkelijkheid. In feite doet Jezus dit ook, wanneer hij door zijn spreken en handelen pertinent ingaat tegen de heersende religieuze en politieke machten en tegelijk spreekt over een Koninkrijk van de Hemel, een andere werkelijkheid, waar andere wetten en principes gelden.
Brueggemann toont haarscherp aan hoe verlammend een welvaartsimperium werkt, zoals dat van koning Salomo, de Romeinen, maar ook de hedendaagse westerse cultuur: door een onbeperkte welvaart te creëren voor een bepaalde groep en de onderdukking van een andere groep ten bate van die welvaart, wordt de focus gelegd bij het hier en nu en ontneemt de koning of keizer het volk de hoop voor de toekomst. De taak van de profeet is om ten eerste deze leugenachtige illusie te ontmaskeren. Dat doet hij door te rouwen, door solidair te zijn met het verdriet van de onderdrukten, door te laten zien dat de macht van de koning voorbij is en het koninkrijk ten dode opgeschreven.
Ten tweede dient de profeet hoop te bieden op een betere toekomst. Dit doet hij door gebruik te maken van beelden en metaforen, waarmee hij een andere werkelijkheid schildert en zo geeft hij de mensen hoop dat er meer is dan het nu en geeft ze energie om te werken aan verandering. Kunstenaars hebben hier vaak iets van, en het is daarom niet vreemd dat echte kunstenaars (en dan bedoel ik dus niet commerciële effectjagers als Damien Hirst) een bedreiging vormen voor de status quo en daarom vaak niet geaccepteerd/begrepen worden binnen de heersende cultuur.
Brueggemann benadrukt dat uitsluitend publieke actie en spectaculair vertoon niet voldoende is. De vorming van profetische gemeenschappen is essentieel; gemeenschappen waar men zich op een bepaalde manier losmaakt van de heersende cultuur (zonder het contact met de werkelijkheid te verliezen), en tevens probeert met elkaar het `andere leven’ vorm te geven, het leven vanuit de werkelijkheid van het Koninkrijk van de Hemel. Deze profetische gemeenschappen hebben dus een tweeledige funtie: ze tonen door hun kritiek het bankroet van de heersende maatschappelijke structuren aan en bieden door hun levensstijl tegelijk zicht op een alternatieve toekomst. Profetie volgens Brueggemann heeft weinig te maken met spontane erupties of korte momenten van extreme helderheid; profetie is een manier van leven, counter-cultureel leven, een leven als profetisch getuigenis van het Koninkrijk van God dat werkelijkheid wordt.
Bindertjan schrijft momenteel ook aardige stukjes over Brueggemann, kijk eens hier, daar of ginder.
3 reacties
Helaas, het reactieformulier is op dit moment gesloten.


Ik heb het altijd al een vreemd verschil gevonden: profetie zoals de Bijbelse profeten dat laten zien, met een voornamelijk maatschappelijk/culturele functie en profetie zoals we dat in veel evangelische gemeente zien, met een nadruk op orakel-achtige beelden en visioenen, zo vaag en wazig mogelijk, maar altijd met een rooskleurige toekomst…
Wat mij betreft mag de kerk zeker een meer profetisch geluid gaan krijgen, maar dan moeten we misschien eerst terug naar wat profetie dan daadwerkelijk behoort te zijn…
Dag Peter, de reis die je beschrijft rond dit onderwerp heb ik ook gemaakt. Helaas heb ik het boek van Brueggemann niet gelezen (er is ook nog zoveel te lezen en te ontdekken). Als ik dit zo lees denk ik dat je (via Brueggemann) een leemte laat zien in het denken over profetie in de charismatische wereld. Tegelijkertijd geloof ik nog steeds in het bestaan en uiten van ‘spontane erupties of korte momenten van extreme helderheid’. Ik denk dat het goed is om de Geest niet te veel in te perken. Wij hebben hoop nodig, wie we ook zijn. Profetie kan die hoop en inspiratie geven, naast de openbaring die er al ligt en de mensen om ons heen die ons goeddoen. Dit even als reactie op je post.
Niels
Ik kom uit de Gereformeerde Gemeenten. Het profetisch spreken bestaat daar uitsluitend uit het woord van de dominee vanaf de kansel.
Bijbelgetrouw, dat zeker, maar te weinig aandacht voor de actualiteit en de maatschappij waarin we leven. Geen veroordeling van materialisme en consumentisme, geen oproep om sober te leven en tevreden te zijn met weinig.
De Ger. Gem. zijn in zichzelf gekeerd. Helaas. Mede om die reden voel ik me er eigenlijk niet meer thuis.